Westerbeek Historie/Monumenten (zie ook foto’s)

HEILIG HART VAN JEZUS KERK

Het KERKGEBOUW, opgericht in 1922 naar ontwerp van J. van Groenendael in late Neo-Gotische stijl en gelegen aan een kruispunt in de ontginnings-nederzetting Westerbeek, nabij pastorie en school. De eerste aanzet van de nederzetting was er al in 1865, maar pas rond 1915 werd de huidige dorpskern gevormd op een kruising van wegen.

In oktober 1921 werd de kerk van De Twist aanbesteed. Spoedig daarna werd met de werkzaamheden begonnen. De bouwkosten werden voor een groot deel door de mensen zelf gedragen. Aannemers waren: Pennings, Lamoen en Lamers. Na de aanbesteding werd er een commissie van toezicht benoemd en de kerk werd aanbesteed voor 36.000 gulden. De inwoners brachten 26.000 gulden bijeen en dat in deze voor de boeren niet zo gunstige tijd. De gemeente Sambeek gaf 10.000 gulden en de gemeente Vierlingsbeek gedurende 10 jaar, ieder jaar 200 gulden.

Omschrijving: Eenbeukig kerkgebouw van vier traveeën met lager en driezijdig gesloten koor van een travee en driezijdige sluiting. Opgetrokken uit machinale baksteen met zadeldaken met leien in maasdekking gedekt. Tegen de zijmuren lisenen, opgaande vanuit een bredere steunbeerachtige onderbouw met driehoekige afdekking. Voorgevel met voorgebouwd portaal met spitsboognis in topgevel en dubbele deur onder hardstenen latei. Links en rechts van het portaal vooruitspringende muurvlakken met rondboogfriezen onder lessenaardakjes. Boven het portaal een roosvenster met bakstenen tracering met vier cirkels. In de topgevel een vijftal nissen, de middelste met een wijzerplaat in de top. Kruis op de geveltop. Links aansluitend een rond trap- en klokkentorentje, waarvan de klokkengeleding via uitmetselingen overgaat in een achtkant. Spitsbogige galmgaten en achtzijdige leien spits met kruis. Het schip heeft per travee een tweedelig spitsboograam. Onder de goot een rondboogfries met siermetselwerk. Links en rechts tegen de eerste travee aanbouwen onder lessenaardak met tuile-du-nordpannen gedekt. In het dak twee dakkapellen met diabolobeschildering. Het koor heeft lisenen, hooggeplaatste spitsboogramen en wordt geflankeerd door eenvoudige nevenruimten met respectievelijk segmentboog- en spitsboogramen en platte daken. Boven het lage koordak in de topgevel drie spitsboogramen. Het inwendige is uiterst eenvoudig vormgegeven en heeft gemetselde kruisribgewelven, die opgaan van smalle lisenen met lijstprofiel. Klokkenstoel met klok van anonieme gieter, 1922, diam. 55 cm. Mechanisch torenuurwerk, voorzien van elektrische opwinding. Waardering Het kerkgebouw is van algemeen belang, het heeft cultuurhistorische waarde als getuigenis van de geestelijke en geografische ontwikkeling. Het heeft betekenis als vertegenwoordiger van een allereenvoudigst eenbeukig kerktype voor een kleine ontginningsnederzetting. Het heeft architectuurhistorische waarde vanwege de plaats in het oeuvre van de architect. Het heeft ensemblewaarden vanwege de situering, nauw verbonden met de ontwikkeling van de ontginningsnederzetting. De kerk is in 2007/2008 grondig gerestaureerd. Een belangrijk deel van de kosten is door de inwoners van Westerbeek zelf opgebracht. Het is gaaf bewaard gebleven. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

KRUISBEELD

Bij de kruising Stevensstraat en Loonseweg staat vanaf ongeveer 1930 een wegkruisbeeld.

 

 

 

 

 

OORLOGSMONUMENT

Het ‘Lancaster-monument’ is een replica van een staartstuk van een Lancaster bommenwerper.

Op het Peelplein ziet u een replica staartstuk liggen van een Britse Lancaster bommenwerper die in de nacht van 3 op 4 februari 1945 in dit dorp gecrasht is.  De Lancaster in kwestie betrof hier de PD221/BQ-R van het 550 Squadron die tijdens een missie naar het Prosper benzine depot in Bottrop (Duitsland) werd neergeschoten en terecht kwam in Westerbeek. De Lancaster I PD221 was op 3 februari om 16.31 uur op de basis Killingholme in Engeland opgestegen.  Alle zeven bemanningsleden van deze Lancaster kwamen om het leven en liggen begraven op het kerkhof in Westerbeek. Op 4 mei 1997  werd het kunstwerk van de Westerbeekse kunstsmid Juul Baltussen (http://www.juulbaltussen.com) onthuld ter herinnering aan deze crash. Het kunstwerk herinnert op dramatische wijze aan het neergestorte toestel.

 

BOERDERIJ VAN HET LANGGEVELTYPE AAN DE KERKSTRAAT 48

Inleiding BOERDERIJ van het langgeveltype, gesticht ca. 1900 en deel uitmakend van een boerderijcomplex, gelegen nabij de kom van de rond 1915 tot stand gekomen ontginningsnederzetting Westerbeek. Op het erf enige oude eiken uit de bouwtijd en beukenhagen. Oprijlaan met bolacacias. Omschrijving Langgevelboerderij, opgetrokken uit machinale baksteen onder zadeldak met muldenpannen. Het woongedeelte heeft een gepleisterde plint en telt drie raamassen. Middeningang in portiek. Links en rechts getoogde schuiframen met sierstucwerk erboven. Beneden een vernieuwde vierruits raamindeling en luiken, bovenlicht met achtruits indeling. Tandlijst onder de goot en boven de ingang een topgevel met gemetselde makelaars en schuifraam met zesruits bovenlicht. In de rechter zijgevel beneden identieke ramen als in de voorgevel en erboven een verkleinde versie met zesruits bovenlicht. Topgevel metwindveren. Het bedrijfsgedeelte is thans verbouwd tot atelier, maar behield de deur van de voorstal, een tweede deur, ijzeren zesruits stalramen en een topgeveltje met hooiluik. In de korte stalgevel een deur met gedeeld bovenlicht, achtruits stalramen en een hooiluik waarboven een een klein rondvenster. Tegen de lange achtergevel een latere stalaanbouw, welke deels is gewijzigd rond 1980.
Waardering Het gebouw is van algemeen belang en heeft cultuurhistorische waarde als getuigenis van de sociaal-economische en geografische ontwikkeling. Het is tevens van belang vanwege het pionierskarakter in relatie tot de ontginning van de Peelen de stichting van een ontginningsdorp. Het heeft ensemblewaarden vanwege de situering, nauw verbonden met de ontwikkeling van het dorp. Het is gaaf bewaard gebleven en een goed voorbeeld van een ontginningsboerderij in de Peel. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

 

 

VREDEPAAL D’n Twist Westerbeek

In 1716 besloot de koning van Pruisen dat er een einde moest komen aan de vele grensconflicten op de plek van de huidige Vredepaal. Deze plek in De Peel was in de zestiende eeuw een belangrijke oversteekplaats. Daarover hadden Geldria, wat nu Limburg is en toen onderdeel van Pruisen, en het toenmalige Brabant veelvuldig ruzie. Met in totaal zes grenspalen werd de grens in 1716 definitief vastgesteld.

Ook tussen 1835 en 1855 was er een flink meningsverschil over de grond die de Nederlandse Staat toegewezen had aan Overloon, Vierlingsbeek en Sambeek. Deze gebieden werden daarom “Twistgronden” genoemd. In 1938 werden die gronden officieel omgedoopt tot Westerbeek. In 1949 na de ontginning werd de definitieve grens vastgesteld tussen Bakel, Venray en Sint Anthonis. Op het raakpunt van de drie gemeenten staat nog steeds de Vredepaal.

 

PEEL-RAAMSTELLING //  DEFENSIEKANAAL

De Peel-Raamstelling liep vanaf de Belgische grens bij het dorp Dorplein tot aan Grave. De stelling was een echte waterlinie: een aaneengesloten strook van inundaties en versperringen.

De stelling maakte gebruik van bestaande wateren, zoals de Raam en het Kanaal van Deurne, en van de drassige Peel. Bovendien werd tussen Mill en Griendtsveen in 1939 het Defensiekanaal aangelegd dat vooral dienst deed als verdedigingslinie tijdens de Tweede Wereldoorlog. Op een afstand van 200-400 meter staan Bunkers. In Nederland sprak men liever van kazematten (chamata = Grieks voor kloof of spleet). Het zijn stevige betonnen bouwsels met kleine openingen ter verdediging. De ruimten tussen de kazematten langs het Defensie-kanaal werden verder afgesloten met prikkeldraadversperringen. Achter het Defensiekanaal kwamen nog mijnenvelden, loopgravenstellingen, commando-posten en afwachtingsdekkingen.

Op 10 mei 1940 werd de Peel-Raamstelling verdedigd door de Peeldivisie: zes bataljons infanterie en een verouderde afdeling lichte artillerie. In de vroege ochtend van 10 mei brak een pantsertrein met troepen bij Mill door de stelling, zodat de eenheden die daarna in de rug konden aanvallen. Door daadkrachtig optreden van de Nederlandse artillerie en een regiment Huzaren-Motorrijders werd voorlopig erger voorkomen. Maar de commandant van de Peel-Raamstelling was al tot de conclusie gekomen dat de doorbraak bij Mill definitief was en het niet verantwoord was langer te wachten met terugtrekken. De Nederlandse troepen trokken zich vervolgens dan ook terug tot achter de Zuid-Willemsvaart.

Het Defensiekanaal is nog grotendeels aanwezig en daarlangs liggen nog vele kazematten. Op het grondgebied van de gemeente Sint Anthonis is naast het defensiekanaal een fietspad aangelegd.

LUCHTWACHTTOREN

Een luchtwachttoren was in de jaren 50 en 60 van de 20e eeuw een uitkijkpost die in Nederland door het Korps Luchtwachtdienst (KLD) werd gebruikt voor het afzoeken van het luchtruim van Nederland naar Russische vliegtuigen in het kader van de Koude Oorlog. De toenmalige radarapparatuur was nog ongeschikt voor snelle, laagvliegende vliegtuigen. Het KLD werd opgezet om “door middel van uitkijk- en luisterposten vijandelijke vliegtuigen waar te nemen en aldus gegevens te verstrekken, welke nodig zijn om vijandelijke luchtaanvallen te kunnen bestrijden en de eigen troepen en de burgerbevolking tijdig te kunnen waarschuwen voor naderend luchtgevaar”. De dienst was erop gericht om vliegtuigen tot 1500 meter hoogte te kunnen waarnemen. Om deze waarnemingen te kunnen doen werd een netwerk van luchtwachttorens opgebouwd.

Ten zuiden van Westerbeek staat in de weide naast Kerkstraat 80 een Luchtmacht-uitkijktoren (nr. 813 post Oploo). Van de in 1950 volgens het Raat-systeem in pre-fab-beton gebouwde uitkijktorens is dit een van de laatste exemplaren.